De toezichthoudende OR (2)

Deze keer een klein vervolg op mijn vorige column, de toezichthoudende OR.

“Principes zijn dure dingen” is mij altijd geleerd. As je principieel bent, kan de prijs die je betaalt flink oplopen. In mijn ervaring is dat vaak niet omdat het om hele grote zaken gaat, maar juist omdat men om iets kleins, een weerzin voelt om toe te geven. Uit principe. Waarna de rekening onevenredig hoog oploopt in vergelijking tot het ogenschijnlijk kleine punt dat twistappel is geworden. Maar, zoals veel met dure dingen -niet met alle!- het geval is, ze zijn ook echt kostbaar. Soms gáát het over echt iets groots, terwijl de discussie blijft hangen in kleine zaken.

HET voorbeeld is natuurlijk de Euro. Het gaat me er even niet om wat we vinden, maar om hoe het gesprek daarover wordt gevoerd. Plat gezegd: we betalen niet voor die Grieken versus we kunnen het risico niet lopen dat het fout gaat. Of: de politiek gaat over het geld (de Fransen) versus “geld heeft zijn eigen toezicht nodig” (Duitsers). Door het ontbreken van de principiële context is dat een uitwisseling van stellingen, die nooit tot enig resultaat zal leiden. Zeker ook omdat elk historisch besef lijkt te ontbreken. En ook omdat de “moderne”opstelling van velen door hen ook niet verklaard wordt. “Ik vind dat omdat het zo is”. Niet waar natuurlijk, alles heeft een reden.

Nou naar de medezeggenschap en met name de vernieuwing ervan, want de parallellen zijn naar mijn mening, groot. Net zoals de eerdere besluitvorming over Europa voortkomt uit een andere context en andere principes, komt medezeggenschap voort uit een tijd waarin er heel anders gedacht werd over arbeidsrelaties. Toen logisch vanuit de toen geldige context, nu vaak betwist (shareholder value, het mantra van de laatste pak hem beet 25 jaren denkt echt heel anders over de plaats van werknemers in de besluitvorming, zeker als het gaat om een democratisch proces).

En dan nu mijn stelling: de vernieuwing van medezeggenschap stagneert op eenzelfde manier als het debat over Europa. Er wordt al jaren over gesproken maar niet vanuit een principieel perspectief en zeker ook niet vanuit een historische context. En daarom gebeurt er op dat gebied zo bitter weinig, dat beklijft (want er gebeurt natuurlijk veel, maar het blijft niet hangen)

Terug naar de toezichthoudende OR tot slot: die zou naar mijn mening, recht doen aan de principes van waaruit medezeggenschap is ontstaan en zorgen voor een adequate moderne vertaling van de intenties die bij het oorspronkelijk vormgeven van medezeggenschap aan de orde waren. Wordt misschien vervolgd…

24 October 2011
By on 20:54
De toezichthoudende OR

Niets zo goed om weer eens een beter beeld te krijgen dan wat afstand nemen. Dan wordt vanzelf weer helder waar het ook alweer over gaat. Het omgekeerde kan natuurlijk ook: heel erg betrokken zijn. Bij dat laatste loopt de temperatuur vaak flink op, terwijl afstand voor meer verkoeling zorgt. Met afstand wordt het een beetje saai, maar allemaal wel erg verstandig.
Het ligt in deze rumoerige weken natuurlijk voor de hand om naar de Tweede Kamer te kijken en dan deze tweedeling daar op los te laten. Mijn aanleiding voor deze column is echter niet de Tweede Kamer (daar wordt al genoeg over geschreven), maar een discussie over vernieuwing van de medezeggenschap waarin de laatste jaren nogal eens mensmoedige pogingen worden ondernomen.
Meestal, zo bleek uit die discussie, zijn die experimenten of heel erg informeel en op de betreffende organisatie toegesneden, of een beetje halfhartig omdat we wel wat minder formeel willen, terwijl we de wet toch ook niet los willen laten. Hinken op twee benen. Betrokken zijn in vrijheid maar tegelijkertijd wel – verstandig – gebonden willen zijn aan het vangnet van de wet.
Mijn inzicht van deze week was dat je die twee wat meer van elkaar zou moeten scheiden om ze elk met meer effect naast elkaar te laten bestaan. Formele medezeggenschap is heel erg nodig, zo blijkt telkens weer, maar betrokkenheid, met al zijn vormen, kan daarin niet altijd een plek vinden. Voor effectieve formele medezeggenschap moet je een beetje afstand kunnen nemen om verstandig zaken te kunnen doen.
Zo kwam ik zomaar op de gedachte van de toezichthoudende or waarin het formele deel van betrokkenheid (het afstandelijke deel) professioneler kan worden georganiseerd op een manier die verschil maakt, waardoor de gevoelde betrokkenheid op veel meer plaatsen en op veel informelere en flexibelere wijzen, een plek kan krijgen op een manier die uiting geeft aan verbondenheid.
Slaan we twee vliegen in één klap. Na een tijd waarin het zo aan toezicht heeft ontbroken (waarvan de gevolgen denk ik nu pas echt voelbaar worden) kan een versterking ervan geen kwaad. De gevolgen van al dat ontbrekende toezicht worden ook juist door werknemers gevoeld en gedragen. Tegelijkertijd is de verbondenheid en de betrokkenheid tussen mensen en organisaties zo veelvormig geworden (vaste dienst, uitzendkracht, tijdelijke contracten of gewoon zzp’er) dat niet meer kan worden volstaan met het collectief organiseren ervan.
De toezichthoudende or. Het klinkt in ieder geval al goed. En hij bestaat natuurlijk gedeeltelijk al Er zitten per slot van rekening al heel wat “toezichthoudende” elementen in wat de ondernemingsraad (en de vakbond) kunnen en mogen.

26 September 2011
By on 20:00
Niks nieuws

Ben weer ontzettend terug van vakantie. Altijd weer wonderlijk hoe snel zoiets gaat. Je neemt je voor om dat gevoel van ontspanning en rust superlang vast te houden, maar je bent nog geen dag aan de gang of het glipt als los zand door je vingers. Ik heb me er lang over verbaasd hoe dat toch kan, maar het antwoord is natuurlijk heel simpel.

Het is net als na het volgen van een cursus als or: je bent weer helemaal gemotiveerd, je bent een team, je hebt focus en je gaat ervoor. Maar als je dan terugkomt in je bedrijf en je gaat aan de gang is het, als je niet oppast, na een paar weken weer helemaal zoals het was. Er is in je werkomgeving namelijk niets veranderd. En als er niets veranderd is, ben je een hele flinke jongen (of meisje) als jij temidden van zoveel hetzelfde zijn, anders kunt
blijven.

En dus zakt iedereen en alles na een “heeer-lij-ke” vakantie weer heel snel in de oude patronen en rennen we al heel snel weer als vanouds gestrest rond. Net als na een cursus. Alsof er niets gebeurd is. Natuurlijk is dat laatste niet waar. Er is ontzettend veel gebeurd. Maar er is niets gebeurd dat het patroon der dingen veranderd heeft en als een patroon hetzelfde is, stappen we weer net zo makkelijk in. Daar had ik in mijn vakantie trouwens een sterk voorbeeld van. Ik rook al een aantal jaar niet meer en heb daar absoluut geen problemen meer mee, behalve tijdens mijn vakantie. Sigaretten horen bij mijn vakantiepatroon.

Mijn nieuwe voornemen nu, is om de verse vakantiefoto’s, die ik nog moet bewerken en verbeteren, voordat ze via Picasa de familie en vrienden rondgaan, zo goed in me op te nemen, dat ik mijn vakantiegevoel weer terugkrijg. Als ik dat gevoel dan weer terug heb, wil ik besluiten wat ik ga veranderen, wat ik ga vasthouden, voordat ik, als ik als het ware, voor de tweede keer van vakantie terugkom. Om dan mijn collega’s te verrassen met “the real new me”. En dat ik het dan ook volhoud om anders te blijven.

Op mijn lijstje van veranderingen staan in ieder geval: altijd super relaxed zijn, creatiever zijn dan ooit, productiever dan ooit en ook, nog veel gezelliger. Aan de meer innovatieve zaken ben ik nog niet toegekomen.

Wat me nog tegenhoudt is de gedachte, dat als ik dat allemaal ga doen, de kans groot is, dat ik weer heel snel aan vakantie toe ben.

29 August 2011
By on 20:00
OR-activisme

Kun je in de zomer goede voornemens hebben? Ik vind van wel. Vakantie is voor mij bij uitstek de tijd om met het strandzand, ook het werkjaar langzaam door de vingers te laten glijden en daarbij terug te kijken. En ook om weer eens bij te praten en af te stemmen met dierbaren. Niet te lang allemaal, anders word je moe van jezelf! Zomer is tijd voor nieuwe energie. 

En dus ook van goede voornemens. Voor mij is dat dit jaar het voornemen om meer te doen aan de bevordering van OR-activisme. We hebben een aantal jaren aandeelhoudersactivisme gehad. Natuurlijk met desastreuze gevolgen: verkoop van bedrijven voor teveel geleend geld waarop nu moet worden afgeschreven, uitmelken van bedrijven door hedge funds, opvolgende werkloosheid. Kortom: vrijwel altijd kommer en kwel (vandaag nog: de splitsing van TNT Express heeft geen moer opgeleverd!). Maar dat mag ons er niet van weerhouden om als medezeggenschap ook wat activistischer te worden.

Wat we daarbij niet moeten niet doen: drammen en zeuren als een hedge fund, een korte termijn agenda aanhouden als een hedge fund en alleen maar aan onszelf denken. Inderdaad, als een hedge fund. En al helemaal niet op basis van geleend gedachtegoed een grote mond hebben.

Nee, medezeggenschapsactivisme houdt in dat je als OR besluit om in deze tijden van voortdurende verandering en een dubbele dip (daar lijkt het nu toch echt op) , dichter bij het vuur te gaan zitten. Veel meer de dialoog aan te gaan met bestuurder en aandeelhouders vanuit je eigen agenda. Je invloed te vergroten door je netwerk te gebruiken. Hoe lang is het niet geleden dat u de RvC of RvT inspireerde met een onverwachte invalshoek en frisse kijk op actuele zaken? Weer oog hebben voor de lange termijn ontwikkeling van je organisatie en van je collega’s. Want hun employability mag echt wel eens echt gestalte krijgen langzamerhand. En de resultaten en investeringen bewaken. Het motto: op weg naar groei door innovatie.

Een beetje OR-activist heeft het druk met het pressen van zijn management tot het bedenken van plannen die werkgelegenheid opleveren in plaats van kosten. Want als er één ding duidelijk geworden is de laatste jaren, dan is het wel dat echt iedereen FTE’s kan wegsnijden, maar dat heel weinigen de creativiteit opbrengen om werkgelegenheid te creëren. Dat moet dus beter kunnen.

Enfin, ik kan me er nu al op verheugen. Echt waar! Maar nu eerst …eerst een beetje zon. Ben ik wel aan toe eigenlijk. En een beetje rust. Ook heerlijk. Want ja, goede voornemens… de weg naar de hel is geplaveid met goede voornemens, niet waar? Activisme? Heel, echt heel erg belangrijk. Ga ik ook echt doen! Trekken we aan, echt!

Strakjes.

Nee, nu even niet…wat zegt u? Ja in september.

Echt waar!

02-08-2011

18 August 2011
By on 11:22
Afspraken

Mijn motto sinds jaar en dag is: medezeggenschap is zaken doen, maar je schrijft het met de M van Mens. Want medezeggenschap gaat uiteindelijk altijd over mensen. Dat medezeggenschap uiteindelijk altijd over mensen gaat, is duidelijk voor elke werknemer die met medezeggenschap bezig is. Dat medezeggenschap zaken doen is, is vooral voor de meeste bestuurders en hun advocaten duidelijk. Voor mij is inmiddels al jaren duidelijk dat in een ideale wereld iedereen alles begrijpt, maar dat wij niet in een ideale wereld leven. Ook niet als het hier om gaat. De resultaten van deze eigen blik van partijen op waar het om gaat in medezeggenschap, is een soort eeuwigdurend misverstand in alle mogelijke variaties. Deze column is een poging om dat misverstand wat kleiner te maken.

De sleutel daartoe, wordt gevormd door afspraken. En wel als resultaat van zaken doen. Zaken doen in de medezeggenschap, vanuit het perspectief van een OR is: je gevoel vormgeven met je verstand. Daarbij is gevoel wat anders dan emotie. Emotie is meestal kort en krachtig en een beetje een chaos, gevoel is langdurig en wordt gedragen door een intentie. Om zaken beter te maken bijvoorbeeld, of om rechtvaardigheid te bereiken. 

Zaken doen begint met je aan de regels te houden in plaats erom heen te werken. Regels zijn collectieve afspraken, die voor elke deelnemende partij geldig zijn. Het zijn geen risico’s die je zo klein mogelijk moet maken (een bepaald soort advocaatdenken, vooral bij overnames) of ondermijningen van je gezagspositie (een bepaald soort directeursdenken, in teveel gevallen). Regels zijn kortom geen “uitdaging”. Ik zou ze eerder een uitnodiging willen noemen. Regels creëren vertrouwen in ingewikkelde situaties. Mensen met weinig vertrouwen willen niet voor niets altijd meer regels. Mensen met veel vertrouwen vaak minder. Net als mensen die niet te vertrouwen zijn trouwens (aanleiding voor misverstanden dit)

En dan nu de ogenschijnlijke tegenspraak: teveel afspraken is ook niet zakelijk. Op basis van het vertrouwen dat gecreëerd wordt door regels, kom je tot zaken op basis van vertrouwen in elkaar. Immers, als je meer vertrouwen hebt (ook in elkaar) kun je met minder regels toe. Zoals gezegd.

Dat neemt niet weg dat ook dan e.e.a. goed vastgelegd moet worden. Voor als personen onverhoopt wegvallen en/of afspraken langer geldig moeten zijn. Daarvoor geldt wat collega columnist Frans Mensink op 28 april jl verwoordde: “Liever één woord te veel op papier, dan later geconfronteerd te worden met nalatigheden. Leg ook vast dat je als ondernemingsraad te allen tijde terug kunt komen op de eerder gemaakte afspraken.” Dat laatste alleen met een goede reden: als de omstandigheden echt veranderd zijn op manier die je niet had kunnen voorzien, of als de andere partij zijn deel niet nakomt, wat te allen tijde een overtreding is.

De aanleiding voor dit alles is natuurlijk de praktijk: uw en mijn dagelijkse leermeester.

Fijne zomer!

04-07-2011


By on 11:17
Verandermoe

Heb ik toch afgelopen week mijn Facebook-account op slapen gezet! Ik werd er, met permissie, een beetje gek van, dat moeten delen van dingen die ik zelf niet heel erg interessant zou vinden als ik ze van een ander zou moeten lezen, terwijl de echt interessante dingen onbesproken moeten blijven (privé is bij mij namelijk echt privé en werk is écht werk en niet breed deelbaar op internet).

Toch dacht ik warempel even dat ik verandermoe aan het worden was. Dat is als je de pijp aan Maarten geeft als het gaat om vernieuwing en verandering. Als je een punt bereikt waarop je zegt:
“gaat u vooral verder, ik trek mij terug in het comfort van mijn vertrouwde wereld. Ik verander voortaan door stil te staan en dat ga ik zo lang mogelijk volhouden”. Het is een risico dat vijftigers lopen.

Wat verandermoeheid tot zo'n lastig verschijnsel maakt is dat het heel veel weg heeft van een ander soort besluit, namelijk “zo niet verder”. Dat zijn besluiten die voortkomen uit het feit dat een ingeslagen richting niets oplevert. Je krijgt er geen energie van en moet op zoek naar een nieuwe richting. Op weg naar een verandering dus. Het besluit om mijn Facebook te laten slapen is er zo eentje. Althans dat hoop ik dan toch.

Ik moest aan dit alles denken toen ik deze week de berichten las over de opstand van FNV-kaderleden tegen mevrouw Jongerius vanwege de aanstaande veranderingen in ons pensioenstelsel. Van wat ik uit de kranten begrijp, voelt het “vergrijzend kader” (ik citeer) zich in de steek gelaten door iemand waar men op had gerekend.

Oppervlakkig gezien gaat hem om een typisch gevalletje verandermoeheid: “vergrijzend kader wil houden wat het heeft en besluit stil te staan”. Nader beschouwd zou het echter ook om een “zo niet
verder”-besluit kunnen gaan: “werknemers overzien de risico's niet die zij krijgen toebedeeld, terwijl het hen in de voorstellen ook aan middelen ontbreekt om op de relevante besluitvorming op basis van kennis invloed uit te oefenen”. Hopelijk hebben de jaren, betrokkenen met voldoende wijsheid
besprenkeld, om het onderscheid te maken.

(In alle bescheidenheid denk ik dat Nederland de laatste jaren bol staat van de verwarring over verandermoeheid en “zo niet verder”-besluiten).

Ik merk dat ik al schrijvende besloten heb om me maar eens verder te verdiepen in “social media”. Het zit me namelijk toch niet lekker.

05-05-2011

6 June 2011
By on 17:32
Betrokken

Deze week liep ik niet voor de eerste keer tegen een OR aan, die zich vooral bezig leek te willen houden met overwerk- en reiskostenvergoedingen (niet bepaald een or-onderwerp trouwens). Ik noem dat altijd gekscherend en weinig subtiel een “aandeelhouders-OR” omdat het gesprek er vooral over lijkt te gaan hoe geld aan de onderneming te onttrekken. Bijna tegelijkertijd kreeg ik te maken met een bestuurder die het oprichten van een OR zo lang mogelijk had tegen gehouden omdat een OR zijn besluitvorming alleen maar zou vertragen. Twee schoolvoorbeelden van het behartigen van het eigen belang in de context van medezeggenschap.

Wat is er mis met eigen belang, zult u zeggen. Wel, in het kader van medezeggenschap: alles. In het kader van medezeggenschap is uitsluitend uitgaan van je eigen belang zoiets als in het casino aan een black jack tafel gaan zitten om te pokeren.

Dit is waarom ik dat vindt.

De kern van medezeggenschap is betrokkenheid. De kern van betrokkenheid is dat je iets of iemand een goed hart toedraagt of in ieder geval dat je er een relatie mee voelt. Je bent ermee verbonden. Dat maakt in mijn ogen medezeggenschap ook zo uniek in de context van organisaties: dat aan dat idee van verbonden zijn met een organisatie een plek wordt geboden in het overleg dat tot besluitvorming leidt.

Dat betekent natuurlijk niet dat er geen sprake is van belangenconflicten in de context van medezeggenschap. In tegendeel. Elke reorganisatie, elke werktijdenregeling, elk onderwerp in de medezeggenschap, roept die belangenconflicten op. De vraag is alleen of bij het beslechten ervan, die betrokkenheid (bij de organisatie) een plek krijgt, of niet. Dat is het verschil met het uitsluitend nastreven van eigen belang. Het is ook wat medezeggenschap boeiend en ingewikkeld maakt: verbonden zijn en toch aan jezelf denken.

Bestuurders die bij een OR alleen maar denken aan vertraging, hebben dat duidelijk (nog) niet begrepen.

Misschien moet het gevoel van “verbonden zijn” in deze tijd weer wat meer aandacht krijgen.

Stof voor een volgende column: “voelt u zich nog verbonden?”

13 May 2011
By on 09:26
Raadsel van de week

Deze week is de week van de gemakkelijk op te lossen problemen, die niet worden opgelost. Als u het mij vraagt valt een enorm deel van de problemen in de wereld in deze categorie. Het zou wel kunnen, oplossen, maar we doen het niet of we willen het niet. Geen zin, wrokgevoelens, ego en status en de altijd lastige principes, die in sommige gevallen trouwens verdacht veel lijken op ego en status in vermomming. En vaak ook gewoon: verschillen in korte termijnbelangen, in cultuur, in denken of in waarden. Op te lossen met een beetje belangstelling, inlevingsvermogen en creativiteit.

Hoor ik gelijk de stem van mijn moeder: “Je hebt gelijk, maar zo werkt het niet”. Mogelijk de beste samenvatting van de reden dat deze problemen niet worden opgelost: zo werkt het niet. Wat HET dan ook moge zijn.

Wat kwam ik zo al tegen deze week, dat ik deze verzuchtingen met u deel? Bijvoorbeeld: een fusie waar volkomen onnodig, de OR en overige medewerkers van één van de partijen volledig voorbij worden gelopen door de beoogde directeur, zodat deze club van integere mensen inmiddels met het schuim op de lippen en de messen geslepen, zoekt naar manieren om het bloed van die beoogde directeur te kunnen vergieten. Terwijl de fusie een goed idee is waar veel mensen van zouden kunnen profiteren en waaraan zij die nu gepasseerd worden, vol enthousiasme zijn begonnen.

Ook: een werkelijk prachtig productiebedrijf dat op basis van internationale benchmarks kapotbezuinigd en gesneden wordt. In plaats van te kijken naar wat voor een soort bedrijf het is, wordt er gekeken naar wat het niet is en wordt er gesneden dat het een lieve lust is, volgens alle heilige principes van internationaal spreadsheetmanagement. Geen enkele creativiteit, wel veel, heel erg gefrustreerde mensen die de liefde voor hun bedrijf alleen nog maar kwijt kunnen in schuimbekkende, machteloze woede.

Ik heb het dus niet over echt grote problemen hoewel ook die echt grote problemen best vaak problemen zijn die makkelijk zijn op te lossen. (Khadaffi kan echt gewoon opstappen, wordt hij niks slechter van, integendeel)

Misschien is het allergrootste probleem wel dat deze problemen niet worden opgelost. Misschien houden we van problemen. Daar lijkt het tenminste wel op deze week. Wat een raadsel!

14-03-2010

3 April 2011
By on 09:25
Het einde van het harmoniemodel

Kun je in een tijd van verandering uit de voeten met het harmoniemodel? Ik ben het me deze weken steeds vaker gaan afvragen. Het voorlopige antwoord: waarschijnlijk niet. Dit is wat ik even heb zitten filosoferen.

We veranderen al tijden. We automatiseren, internationaliseren, besteden uit en nemen over voor de schaalvergroting. We downsizen, rightsizen, offshoren, nearshoren. We doen heel af en toe aan co-creation en aan customer intimacy. En we doen natuurlijk vooral aan operational excellence. Je kunt het zo gek niet bedenken of we doen het en we hebben het gedaan. Al jaren. En een beetje bedrijf doet dat allemaal World Class. Als het ff kan.

Veel van die trajecten zijn in goede harmonie afgehandeld: business case klopt, sociaal plan bevredigend. Klap erop. Waarom zou dat niet meer werken?

Wel, vrijwel alle veranderingen draaien om relatieve kostenverlaging. Ofwel doordat de kosten echt omlaag gaan ofwel doordat de productiviteit omhoog gaat. En dat is mooi, maar daarmee ga je het als bedrijf steeds minder redden. Zeker in onze streken, waar we hoe dan ook duur zijn. Deze tijden vragen steeds meer om anders, om echte innovatie. En dat soort veranderingen zie je veel te weinig.

Nog een factor is de vergrijzing. De komende jaren stromen steeds grotere aantallen mensen uit waardoor we steeds meer en steeds sneller in een krappe arbeidsmarkt belanden. Ook dat vraagt om een ander soort veranderingen, die nog steeds niet zichtbaar worden. Nog steeds proberen we oudere werknemers voor jongere in te ruilen in plaats van te investeren in de medewerkers die we hebben. Nog steeds worden oudere werknemers op de arbeidsmarkt genegeerd. Ook een geweldig sociaal plan verandert daar niets aan (die plannen worden trouwens eerder kariger dan beter).

Tot slot: de jongeren die op de arbeidsmarkt komen, vragen andere zaken van bedrijven dan die die veel bedrijven hen nu bieden. Dan gaat het bijvoorbeeld om echte betrokkenheid, uitgedrukt in een andere koers, andere doelen, een andere rol.

Kort en goed: de steeds ouder wordende werknemer doet er goed aan zich te verzetten tegen meer van hetzelfde, terwijl de jongere zich steeds meer zal afkeren van bedrijven en organisaties die niet aansluiten op waar hij (en vooral en steeds meer ook zij) voor staat.

Als managend Nederland niet van koers verandert zal er dus steeds meer weerstand komen tegen oude recepten. En dat is maar goed ook. Want als we kijken naar bijvoorbeeld de banken, dan is het duidelijk dat hoewel nieuwe tijden er zullen komen (daarvoor is de wereld te dynamisch) maar dat alle hulp welkom is.

Leuk, een beetje filosoferen.

14-02-2011


By on 09:18
Griepgolf

Nederland zucht onder de griepgolf, die zich verleden jaar heeft ingezet. Ik hoop voor u dat u niet getroffen bent want ik weet uit ervaring dat het een beroerde manier is om het nieuw jaar te beginnen. Ondanks dat wilde ik mijn columnistenjaar beginnen met ff te griepen. Op papier dan.

Aanleiding voor mijn wat miserabele begin van het columnistenjaar is het gegriep op radio en televisie dat hand over hand toeneemt. Een voorbeeld –en niet meer dan dat- is een wat korrelig interview met Job Cohen waarin hij getergd werd om uitspraken te doen over een positie als leider van de oppositie. In een veelpartijenstelsel als het onze.wil je daar geen uitspraken over doen als je je vrienden wilt houden. En de heer Cohen is veel te wijs om zich in een zwaard te werpen als hem dat voor wordt gehouden. Dat wist de journalist in kwestie natuurlijk ook wel. Hij was alleen maar aan het jennen. Aan het griepen. Onze nieuwste nationale sport.

En daarover wil ik op mijn beurt even griepen. Ik maak me namelijk zorgen. Als de lijn van 2010 zich doorzet dan wordt 2011 gekenmerkt door een griepgolf van formaat en gaat het van kwaad tot erger. Met alle gevolgen van dien. Want waar het gegriep zich tot nu heeft beperkt tot één kant van het politieke spectrum, wordt het ronduit gevaarlijk als de griepgolf zich verder verbreedt en verdiept.

Wat als de griepgolf een tsunami wordt? Raakt het einde dan zoek?

Ik noem maar wat: het Commando Dood aan Henk en Ingrid dat willekeurige nieuwbouw opblaast in vinexwijken in  het zuiden en oosten en in Almere in hun opstand tegen Onze Lieve Geert. Wakker Nederland dat zo wakker wordt dat slapeloosheid intreedt. De oppositie die zich omvormt tot de de Orde van de Lege Hand.

Zelf griep ik al tijden over het feit dat ik geen enkel plan voorbij zie komen dat leidt tot een toename van werkgelegenheid. Altijd tot ontslagen. Daar is in 2011 vast ook wel iets van te maken.

Ik weet het: ik overdrijf. Maar het is vandaag Blue Monday, de meest deprimerende dag van het jaar en waarschijnlijk een nieuwe nationale feestdag.

Misschien ligt u in bed met de Mexicaanse griep. Ik ben een beetje koortsig van de Hollandse.

Zouden die vaccins van verleden jaar misschien een handje kunnen helpen?

17-01-2011


By on 09:16